|
|
Sylans Kort Verhaal |
Een vakantieliefde.
Ze genoot van het geluid van de krekels in de berm. Of misschien zaten die krekels wel in de bomen. Het geluid van een krekel kan van heel ver komen. Ze had vaak gekeken in het gras of ze er een zag, maar dat was nog nooit gebeurd. Ze wilde zien hoe de krekel zijn poten schurkte tegen zijn lijf. Ze wilde weten hoe het mogelijk was dat een krekel zoveel herrie kon maken.
Ze zat al een half uur op het bankje bovenop de heuvel. Het was helemaal donker. De zon was verdwenen. Er was nu een zwarte hemel waarin ze de grote beer duidelijk zag staan. Het was warm, maar toch had ze het koud. Ze voelde zich van binnen warm en koud tegelijk. Juan was laat. Hij was nog nooit laat geweest. Hij was altijd op tijd. Hij was stipt. Als ze om half tien afspraken was hij er meestal al om vijf voor half tien. Hij was altijd vijf minuten en soms zelfs tien minuten te vroeg. Zij ook. Toen ze ontdekt had dat hij te vroeg kwam, was ze zelf ook altijd iets eerder naar hun afspraakjes gegaan. Vijf minuten langer bij elkaar zijn, waren vijf gouden minuten, vond ze. Vijf minuten langer in zijn armen dromen, leken voor haar langer, veel langer dan ze echt waren.
Ze hield van Juan. Juan, de knappe ober in het restaurant van het grote hotel. Juan die al op de eerste avond naar haar gelachen en geknipoogd had. Haar ouders hadden het niet gezien. Vader was veel te druk met het bestuderen van alle mogelijkheden die het uitgebreide buffet bood en moeder was te druk met het zich ergeren aan het gedrag van vader. Haar broertje was nog te jong om ook maar iets te zien. Die keek alleen maar of er ook ijs te halen was op het buffet. Verlegen lachte ze toen terug naar Juan. Hij was naar haar toegekomen en had haar een bordje gegeven en met een gracieus gebaar daar een broodje opgelegd. ‘Guapa’, zei hij. Ze wist dat dat knappe betekende. Ze lachte naar hem. Hij mocht er ook zijn. Een mooie mediterrane man. Zijn uniform zag er piekfijn uit. Geen vlekje op te bekennen. Zijn kraagje was zo mooi wit en zijn manchetten waren strak gesteven. Op dat moment wist ze dat ze verliefd was. Toen het eten afgelopen was en ze naar buiten liepen, had hij haar een servetje gegeven. Ze had het snel in haar tasje gestopt en pas toen ze alleen in haar slaapkamer was gekeken. ‘My name is Juan. I think you’re beautiful’, stond er op. En een telefoonnummer. Een mobiel spaans nummer. Ze had lang geaarzeld, maar uiteindelijk had ze haar mobiel van het nachtkastje gepakt en het nummer gedraaid. Een warme stem nam op. Onmiskenbaar de stem die ook guapa tegen haar gezegd had. Hij was beneden had hij gezegd. Beneden bij het hek. Ze keek op de klok van haar telefoon. Het was al tien over een. Haar ouders sliepen, dat was wel zeker. Haar broertje ook. Ze schoot haar korte rode jurkje met de strakke bovenkant aan en was naar beneden geslopen. Keycard in de rand van haar string. Mobiele telefoon aan een koordje om haar nek. Ze vond haar weg naar het hek zonder aarzelen. Juan had zijn uniform verwisseld voor een mooi wit shirt. Hij had drie knoopjes los. Hij lachte en zwaaide zodra hij haar zag aankomen lopen. Voor ze het wist lag ze in zijn armen en kuste hij haar stevig op de mond. Ze kuste automatisch terug. Ze deed haar ogen dicht en genoot. Ze zweefde. Hij had haar meegenomen naar het strand. Ze hadden met hun ruggen tegen het huisje waar de strandstoelen in de nacht worden bewaard geleund gezeten een gepraat. Niet zo heel veel, want Juan sprak slecht Engels. Zij had wel Spaans gehad in de vierde en de vijfde klas, maar omdat ze toch geen examen Spaans wilde doen, had ze nooit goed opgelet. Het waren lesuren om de tijd te vullen. Maar ondanks de taalproblemen wisten ze precies wat ze tegen elkaar zeiden. Ze wist dat ze van deze man hield. Dat hij op haar pad gekomen was en voor haar bestemd was. Dat stond voor haar vast. De eerste nacht had hij haar zachtjes gestreeld. Heel zachtjes op haar tere plekjes. Ze had zich toen al helemaal aan hem willen overgeven, maar hij drong niet aan. Hij zei tegen haar dat ze mooi was. Dat hij van hield. Ze begreep het zonder de woorden te kennen. Pas de tweede nacht was hij verder gegaan. Gelukkig was ze nog steeds aan de pil. Haar vader had gezegd dat als er niks te neuken is, er ook niks te beschermen is, maar ze had volgehouden. Die pil gaf haar zelfvertrouwen. Als ze een jongen tegenkwam, kon ze er vol voor gaan ook als hij geen condoom meegebracht had. Met Juan ging ze er ook vol voor. Hij was gewoonweg supersterk. Hij beminde haar zoals ze nog nooit door iemand bemind was. Hij wist alle genotsplekjes zonder enige aanwijzing te vinden. Hij had tijd voor haar. Hij had aandacht. Hij was geweldig. Hij bracht haar naar de hoogste toppen van extase. Vreselijk was het geweest toen haar vader op zaterdagavond naar het dansen wilde gaan kijken. Hij was die avond pas om kwart over een gaan slapen. Ze had moeten wachten tot half twee voor ze het veilig genoeg vond om naar beneden te sluipen. Maar het leek Juan allemaal niets uit te maken. Hij wachtte geduldig op haar.
Vanavond was ze vroeg. Ze had gezegd dat ze met Caro, de dochter van het leuke Hollandse stel, dat haar vader en moeder ontmoet hadden, naar de discotheek ging. Caro dekte haar. Ze dekte haar, omdat ook zij een afspraakje had waar haar ouders niets van mochten weten. Ze keek nu op haar horloge. Het was kwart voor tien. Hij was een kwartier te laat. Een kwartier te laat op hun laatste avond hier. Ze voelde tranen naar boven komen. Hij heeft ook zo vaak moeten wachten, dacht ze. Maar ze wilde niet wachten. Ze wilde dat hij bij haar was. Ze wilde zijn grote stevige armen om zich heen voelen. Het werd tien uur, maar er kwam niemand. Kwart over tien, half elf, kwart voor elf. Ze huilde nu voluit. Terug naar haar kamer kon ze nog niet. Caro zou ook nog niet terug zijn. Elf uur, kwart over elf. Niemand. Ze drukte nu het mobiele nummer dat op het servetje had gestaan. Gesprek wordt omgeleid stond op haar beeldschermpje. Ze drukte nog een keer. Toen stond er niets meer. Het toestel ging ook niet over. Om half twaalf liep ze terug naar het hotel. Langzaam liep ze. Grote beer was verder doorgeschoven en nog maar net zichtbaar boven de horizon. Ze kwam in de buurt van het huisje waar de stoelen voor de nacht worden bewaard. Ze stopte even. Ze wilde nog luisteren naar de krekels. Maar het was stil. Een stilte die alleen werd doorbroken door een bekende stem.
‘Guapa’ hoorde ze. Ze bevroor op dat moment. Ze dook in elkaar. Ze wachtte even voor ze naar het houten huisje toesloop. Het donker maakte het moeilijk, maar toch zag ze in de verte een bekende gestalte samen met een in een wit kort jurkje gekleed meisje tegen het huisje aanleunen. Ze luisterde naar de woorden. Het waren bijna dezelfde woorden als de woorden die zij en Juan hadden gezegd. Het ritme was hetzelfde. Ze voelde dat het koud werd in haar borst. Heel koud. Hij had niet eens afscheid genomen. Hij was gewoon naar de volgende gegaan. De hoeveelste. Hoe had ze zo stom kunnen zijn. Ze had zich aan hem gegeven. Helemaal. Ze had ook voor hem gezorgd. Hij was niets tekort gekomen. Een blinde woede gierde door haar lijf. Ze sloop bij het tuinhuis vandaan. De volgorde was bekend. Dit was overduidelijk de eerste avond. Dus om half vijf zou hij het meisje naar de achterkant van het hotel brengen. Een kus ten afscheid en dan reed hij op zijn scooter naar huis. De grote rode scooter. De scooter was haar eerste doel. Ze liep het hotel in een vond snel vier zakjes suiker, een paar zakjes zout en wat peper. Ze kende haar weg. Ze groette zelfs een paar mensen. Door de achterdeur liep ze naar buiten en zag de grote rode scooter op zijn vaste plek staan. Vol zelfvertrouwen liep ze er naar toe en gooide suiker, zout en peper in de vulopening van de benzinetank. Ze maakte met haar ring nog snel een kras op de lak aan de voorkant van de scooter. Haar volgende doel was de uniformkast. Ze wist waar hij zijn kleren opborg. Die kasten waren niet afgesloten. Gelukkig was er niemand in de ruimte waar de lockers stonden. Ze pakte alle kleren uit de kast en nam deze mee naar de vuilcontainers die ook aan de achterkant van het hotel stonden. Ze koos de minst volle container uit, gooide de kleren er in en stak de kleren met haar aansteker aan. Het vuur verslond de kleren met groot gemak. Ze wist dat hij naar huis zou lopen nu hij de scooter niet aan de praat zou krijgen. Ook die route kende ze. Ze liep door de keuken van het hotel en pakte het grote mes van Charles de dikke kok. Een prachtig mes en ongelooflijk scherp. Ze liep de route die Juan ook zou lopen en koos positie in de schaduw. Nu moest ze wachten. Het was pas twee uur. Het zou nog wel even duren. Niet slapen, niet slapen, klonk het in haar hoofd.
Om precies zeventien over vijf hoorde ze voetstappen tegen de heuvel opkomen. Ze hoorde ook iemand in zichzelf schelden. Ze wachtte tot hij voorbij was. Zonder aarzelen stak ze het zware mes in zijn rug. Dwars door zijn hart. Hij was op slag dood. Ze hield het mes vast terwijl hij op de grond viel. Met een vlot handgebaar trok ze zijn broek los. En alsof ze nooit iets anders gewend was, alsof ze al jaren in een slagerij had gewerkt, sneed ze zijn pik van zijn lichaam af. De slappe hand vellen propte ze in zijn mond.
Ze liep naar het hotel. Waste het mes zorgvuldig af en zette het op zijn plaats. Ze ging naar bed.
De volgende ochtend was de bus naar het vliegveld precies op tijd. Terwijl ze wegreed zag ze een groot aantal druk pratende spaanse politiemannen aan de achterkant van het hotel staan. Het meisje in het witte jurkje had ze al in de lobby zien zitten. Dat meisje huilde.
|
|
|