|
| Een kantoormoment | Dinsdag 14 maart 2006 | |

Het was een sombere dag op het kantoor.
De stemming was ver beneden het nulpunt.
In de krant hadden ze gelezen dat ze bijna nooit een goed antwoord gaven.
Alle vragen werden helemaal fout of bijna goed beantwoord.
Jochem lachte inwendig, maar keek strak.
Hij had dit al voorspeld.
Het bedrijf gaat naar de klote, had hij herhaaldelijk gezegd.
Zeker met zo'n incompetente dropveter als Chef.
Nu was het bewijs geleverd.
Natuurlijk gaven ze geen goede antwoorden.
Hij keek rond.
Karel, de automatiseringsdeskundige, die niets wist.
Helemaal niets.
En wat hij wist kwam uit een brochure.
Een flodderig werkje.
En Michael.
Die werkte nu parttime.
De beste garantie om retarded te worden.
Stelletje sufgerukte konijnen.
Jochem was blij dat zijn analyse bevestigd was.
Plots sprak de Chef: 'We moeten hier iets aan doen.'
Dat was wat hij zei.
Meer niet.
Gespeend van elke visie.
Paul stond op.
Hij liep naar het toilet.
Hij had er geen zin meer in.
Ook geen zin meer in de formule 1 pool.
Het was niet leuk meer.
Paul pakte zijn mobiel en belde op het toilet met Alex.
'Kan ik niet bij jou komen werken?'
'Nog niet jongen, nog niet. Ik heb nog niet genoeg werk, maar het duurt niet lang meer. Het komt, wacht nog maar even. Ik bel je met een paar maanden zeker.'
'Geweldig.'
'Hou vol.'
|
|
|